Boomchirurgen bijeen bij duizendjarige linde


Boomchirurgen bijeen bij duizendjarige linde

  Historie

Zonder de zogenoemde duizendjarige linde van Achterberg geen vak als boomchirurgie. Ook de bereidwilligheid van de eigenaren, de familie Arissen, speelde zeker een rol in de internationale bekendheid van boomchirurg J'ørn Copijn.

Door Martin Brink

ACHTERBERG - Dat werd vrijdagmiddag nog eens duidelijk tijdens het feestje van vijftig jaar boomverzorging in Nederland. Een jubileum dat werd gevierd bij de oude linde van Achterberg aan de Levendaalseweg. De duizendjarige linde van Achterberg, met een omtrek van 600 centimeter, is zeker niet duizend jaar oud. ''Maar het bekt wel lekker,´´ aldus J'ørn Copijn, oud-directeur van zijn het boomverzorgingsbedrijf in Utrecht dat sinds 'Achterberg' overal in Nederland en ook ver buiten onze landsgrenzen, bomen weet te redden, te verzorgen en vooral ook te begrijpen. Want als één ding duidelijk mag zijn: bomen leiden een ondoorgrondelijk en eindeloos (kringloop-)leven waar de mens nog maar weinig weet van heeft. Hoogstens mag hij een handje helpen om de levensduur te verlengen. En dat doet Copijn. Toen hij in 1966 een knipsel kreeg opgestuurd over het kappen van de boom op het erf van Minie en Bert Arissen in Achterberg, nam hij contact met hen op.De redding werd landelijk nieuws. Bert is er niet meer maar Minie is in de familie omarmd, getuige het feit dat J'ørns oudste kleindochter Selma Copijn, een begenadigd schilderes, een portret van Minie tijdens de bijeenkomst overhandigde. ''Het is de eerste keer dat bij een duizendjarige boom een presentatie wordt gehouden,'' aldus J'ørn om vervolgens breedvoerig uit te leggen hoe het bedrijf ontstond, zijn liefde voor de natuur, op welke manier bomen zijn gered en worden onderhouden en hoe het bedrijf machines ontwikkelde om bomen te verplaatsen. En dat allemaal dankzij de duizendjarige linde van Achterberg, misschien wel de meest onbekende boom van Rhenen. Het is een linde die in delen uit elkaar viel maar na restauratie verder mocht leven. Op een bordje van Staatsbosbeheer en van de firma Copijn naast de linde wordt hierover verteld. Maar dat ziet niemand omdat het particulier terrein is. Het tekstplaatje getuigt meer van de trots van de samenwerkende partijen. De boom herinnert ook aan het meest onbekende goed van Rhenen: hofstede Levendaal. Het is het enige (levende) overblijfsel ervan. Het was op de voorburcht buiten het kasteel geplant zodat de eigenaar niet verantwoordelijk was voor de rechtspraak.

Levendaal was in de 16e eeuw omgracht en had een ophaalbrug. Het heette oorspronkelijk Laar en dateerde uit de 12e eeuw. in 1473 kwam de hofstede in het bezit van Lodewijk van Levendaal. Het staat beschreven in het in eigen beheer verschenen boek 'Het groene goud. 50 jaar boomverzorging in Nederland'. Het is een uitgave van TasT, projecten voor tastbaar erfgoed (tastbaarerfgoed.nl), 29,95 euro.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden