Logo rijnpost.nl


Bakkers van coorperatie De Eendracht aan het Verlaat - Gelders Veenendaal (nu een wereldrestaurant/Italiaan) - op deze niet eerder gepubliceerde foto uit omstreeks 1926. Vijfde van links (met snor) is Job van de Pol. (Coll. Jaap van de Pol)
Bakkers van coorperatie De Eendracht aan het Verlaat - Gelders Veenendaal (nu een wereldrestaurant/Italiaan) - op deze niet eerder gepubliceerde foto uit omstreeks 1926. Vijfde van links (met snor) is Job van de Pol. (Coll. Jaap van de Pol) (Foto: )

Jeugd in Gelders-Veenendaal III

Door Kees van Dijk

Veenendaal - Kees van Dijk uit Vianen gaat verder met zijn grensverkenning eind jaren vijftig tussen Gelderland en Utrecht. Dit is het derde deel van zijn herinneringen.

Tot aan 1 januari was Veenendaal een gedeelde plaats: Stichts en Gelders Veenendaal. Ook was er een deel van de gemeente Renswoude wat nu Veenendaal is. Datzelfde geldt aan het einde van de Kerkewijk.
Die grens lag tot aan 1 januari 1960 meer richting centrum en werd zelfs gemarkeerd door een dikke betonnen grenspaal. Die was in de jaren vijftig nog mikpunt van een aantal Rhenenaren. Veenendaal wilde al heel lang deze grens verleggen, maar dat lukte niet. Een situatie vergelijkbaar met die van Gelders-Veenendaal.

Verplaatsen grenspaal

Het getouwtrek bracht een Rhenens comité ertoe om midden in de nacht deze betonnen paal - die los stond - op de laadbak van een vrachtwagen te hijsen om 'm midden op het Zwaaiplein te plaatsen. Zo, de grens was 'verzet'. Het voorval leidde tot veel publiciteit, hilariteit en discussie. Uiteindelijk werd op 1 januari 1960 de grens toch verlegd tot aan weiland voor La Montagne, nu 3Zussen.

Prins Bernhardlaan

Kees van Dijk gaat verder met zijn herinneringen. ''Ik fietste graag door 't Gelderland omdat het een levendige straat was en voor mij de toegang tot de dorpskern. 's Ochtends rook je er de geur van vers gebakken brood van Hiensch en die van verschaald bier uit de bierschuur van Dekker aan het begin van de straat.

Veel vlijt en handel

Er zat veel vlijt en handel in deze omgeving dicht opeengepakt: de Solexgarage van Van Wijk en de garage Van de Haar. Ook was er een fietsenzaak en een kleermakerij. In de winter zette de kapsalon van Van Eden dit straatje in het volle licht.
Ook een slager ontbrak niet en snoepwinkel Lido.

's Zondags was het er stil (uiteraard) en voorbehouden aan de kerkgangers, maar voor mij wel spannend. Hervormden gingen te voet naar de verderop gelegen Julianakerk en wij gereformeerden, per fiets naar de Brugkerk aan de Kerkewijk. Van enige inschikkelijkheid kon bij het passeren geen sprake zijn, zodat menig schouderduw het gevolg was. Een handgemeen herinner ik me niet, maar was niet ver...
Op de terugweg was de Julianakerk nog niet uit, dus verliep de doortocht vredig. Het Gelderland was de meest stadse straat van het dorp Veenendaal, maar het is niet veel meer, behalve het naambordje.

Rijk Middelhoven

Aan de overkant van het Gelderland was aan de Hoogstraat de fietsenmakerij van Rijk Middelhoven. Hij lag daar zeer gunstig voor mijn fietstochten naar school en door het dorp, ik kwam er altijd wel langs. Kleine reparaties voerde hij altijd direct uit ( een lekke band moest je zelf repareren, dat leerde je al vroeg), altijd onder de vermaning om wat voorzichtiger met mijn fiets om te gaan.
Mijn vader kocht er onze Phoenix-fietsen. Aan dezelfde kant haalde ik bij de bakker 's zaterdags Zeeuwse bolussen, terugkerend van de ingekochte koffie bij De Gruyter en de pinda's van Albert Heijn. Mijn moeder had een gespreid inkoopbeleid. Ik fietste wel!

Achterstraatje

Aan het begin van de Hoogstraat liep de grens door de hierachter gelegen Achterstraatje, waarop de achterkant van de winkels uitkwam. Ik neem de Hoogstraat. Voorbij het voormalige Polderhuis en enkele winkels, lag de ijzerwinkel van G.H. van Leeuwen. De twee etalages fascineerden mij als kind altijd door het veelsoortige gereedschap dat er lag uitgestald. Ik dacht timmerman te worden, maar daar is het niet van gekomen.

Een andere winkel in ijzerwaren (Janssen) zat in de Hoofdstraat en die stalde onder meer ook luchtbuksen en luchtdrukpistolen uit. Ook jagersattributen. Een stuk achter de winkel van 'G.H.' lag aan het Achterstraatje de ijzerfabriek van Van Leeuwen, door ons ook wel de 'ïjzerknots' genoemd.
Later is er een chemische fabriek gekomen.

Gymnastiekzaal

Bijna aan het eind van de Hoogstraat lag een gymnastiekzaal met de ingang aan de Nieuweweg; op de hoek herinner ik me de groentenwinkel van Van Barneveld.
Daar staand zie ik over de Zandstraat nog de paard en wagen aankomen van de firma Quint 'in galanterieën'. Het was een gesloten winkelwagen voor het uitventen van de waar; het paard is bij ons in de straat eens op hol geslagen. Er zal niet veel overgebleven zijn van het serviesgoed dat het vervoerde.

Sigarenkiosk

De hoek omlopend zie ik nog de sigarenkiosk van Van de Loosdrecht. Deze was met een deur afgesloten. Mijn vader haalde er zijn rookwaren, meestal shag en een pakje sigaretten (Miss Blanche) en ik mocht mee. Sigaren betrok hij veelal van één van mijn ooms die op de Ritmeester werkten, het werden 'rokertjes personeel' genoemd.
Vanaf mijn zestiende haalde ook ik in die kiosk mijn rookgenot. In mijn kinderenjaren zocht ik de sigarenbandjes voor mijn verzameling...

Penetrante geur

Verder lopend over de Nieuweweg langs het Achterstraatje vervolg weer ik de virtuele grens tussen Stichts en Gelders. Het traject vanaf de Nieuwe Molen en de tegenover gelegen Juliana van Stolbergschool, liep ik met de klas naar de gymnastiekles in de zaal aan de Hoofdstraat.
Wat mij van die wandeling vooral is bijgebleven is de penetrante geur van de wolfabriek van D.S. van Schuppen ('Scheepjeswol').
Het zal vermoedelijk de wolwasserij geweest zijn die we roken.
(Dit is het derde deel uit een serie Veenendaalse grensherinneringen. Deel 1 stond in de Rijnpost van woensdag 16 mei 2018, deel twee in de Rijnpost van woensdag 23 mei 2018).

Reageren: redactie.rp@persgroep.nl

reageer als eerste
Meer berichten

Shopbox